henk2804

Henk Nijmeijer is Regenboogambassadeur Drenthe en auteur van het pas verschenen boek ‘Kleuren van gelijkheid. Een pleidooi voor lhbti+ acceptatie, vrijheid en inclusie’. Voor Gaykrant schrijft hij regelmatig over zijn ervaringen en visie. Ditmaal: ‘Zichtbaarheid is geen marketinginstrument.’

Door: Henk Nijmeijer, regenboog ambassadeur Drenthe

De regenboogvlag lijkt de laatste tijd steeds vaker onderwerp van discussie. Niet omdat zij aan betekenis heeft verloren, maar juist omdat zij nog altijd iets zichtbaar maakt wat voor sommigen ongemakkelijk blijft. Een recent bericht op LinkedIn trok mijn aandacht. Een Amerikaans bedrijf, Philz Coffee, zou hebben besloten om Pride-vlaggen uit al zijn vestigingen te verwijderen. De reactie daarop was fel: als bedrijven hun zichtbaarheid intrekken, dan trekken wij ons als klant terug. Het is een begrijpelijke reflex. En toch wringt er iets.

Want wie zichtbaarheid reduceert tot een ruilmiddel – steun in ruil voor loyaliteit – loopt het risico om precies datgene te ondermijnen waar die zichtbaarheid ooit voor bedoeld was: het zichtbaar maken van een werkelijkheid die er altijd al was, maar te vaak werd weggedrukt. De regenboogvlag is geen marketinginstrument. Zij is een symbool van erkenning. Van het recht om er te mogen zijn, zonder voorwaarden vooraf.

Dat maakt de vraag die onder deze discussie ligt des te relevanter: wat betekent het wanneer organisaties hun zichtbaarheid terugtrekken? Voor lhbti+ personen is zichtbaarheid geen abstract begrip. Het is iets wat zich afspeelt in het dagelijks leven. In de sportkantine waar je je afvraagt of je jezelf kunt zijn. In de klas waar een opmerking net iets te lang blijft hangen. Op de werkvloer waar stilte soms meer zegt dan woorden. In die context is een vlag nooit ‘slechts een vlag’. Het is een signaal. Een uitnodiging. Soms zelfs een geruststelling. Juist daarom voelt het als een stap terug wanneer organisaties besluiten om die zichtbaarheid los te laten. Niet omdat een vlag op zichzelf veiligheid garandeert, maar omdat het weghalen ervan zelden neutraal is. Het zegt iets — over prioriteiten, over druk, over de vraag hoe stevig inclusie eigenlijk verankerd is.

In discussies over zichtbaarheid klinkt steeds vaker het verlangen naar neutraliteit. Organisaties en bedrijven willen geen partij kiezen, zo is de redenering, want iedereen moet zich welkom voelen. Vandaag aandacht voor lhbti+ personen zou morgen immers leiden tot een eindeloze reeks andere groepen die ook om zichtbaarheid vragen. Het klinkt als een pleidooi voor gelijkheid, maar in de praktijk betekent het vaak iets anders. Want neutraliteit is zelden een leeg midden; zij volgt doorgaans de bestaande norm. En juist die norm maakt dat niet iedereen zich vanzelfsprekend gezien of veilig weet. Wie zegt geen keuze te maken, kiest er in feite voor om niets te veranderen. Daarmee wordt zichtbaarheid niet afgeschaft, maar verschoven — van expliciet naar impliciet, van gedeeld naar onuitgesproken. En precies daar ontstaat de vraag die we niet kunnen ontwijken: voor wie werkt die neutraliteit eigenlijk?

Neutraliteit beschermt zelden wie bescherming nodig heeft.

En daar ligt een bredere verantwoordelijkheid. Bedrijven en instellingen zijn geen toeschouwers in het maatschappelijke debat; zij zijn er onderdeel van. De keuzes die zij maken – zichtbaar of juist onzichtbaar – hebben invloed op hoe veilig mensen zich voelen. Dat vraagt om meer dan symboliek alleen. Een vlag zonder beleid, zonder cultuurverandering, zonder aanspreekbaarheid op gedrag, blijft leeg. Dat neemt niet weg dat een vlag vaak voortkomt uit oprechte intentie — maar intentie alleen is niet voldoende. De uitdaging zit dus niet in de keuze tussen wel of geen vlag, maar in de bereidheid om inclusie serieus te nemen, ook wanneer het schuurt. Dat vraagt om consistentie. Om leiderschap. En soms ook om het uithouden van ongemak.

Juist in de aanloop naar de Pride-maand wordt deze spanning zichtbaar. Bedrijven die gedurende het jaar terughoudend zijn, tonen zich plotseling uitbundig in kleur. Dat levert zichtbaarheid op en vaak ook broodnodige financiële steun voor de organisatie van Prides en andere activiteiten. Tegelijkertijd roept het een ongemakkelijke vraag op: hoe duurzaam is die betrokkenheid? Want wanneer zichtbaarheid seizoensgebonden wordt, verschuift inclusie al snel van overtuiging naar positionering. Veel Pride-evenementen zijn inmiddels afhankelijk van commerciële partners. Dat maakt samenwerking noodzakelijk, maar ook kwetsbaar. Want wie bijdraagt aan zichtbaarheid, beïnvloedt ook de norm — en daarmee de grenzen van wat zichtbaar mag zijn. En wie afhankelijk is van steun, moet zich steeds opnieuw verhouden tot de voorwaarden waaronder die steun wordt gegeven. Hier ontstaat een spagaat die we niet kunnen negeren: tussen de behoefte aan middelen en de wens om trouw te blijven aan de oorspronkelijke betekenis van Pride — een beweging die niet begon als evenement, maar als protest.

De vraag wie bepaalt wat zichtbaar is, beperkt zich bovendien niet tot bedrijven en organisaties alleen. In toenemende mate ligt die macht bij digitale platforms waarop zichtbaarheid zich afspeelt. Het recente verdwijnen van queer-accounts van platforms als Meta Platforms laat zien hoe kwetsbaar die afhankelijkheid is. Voor lhbti+ personen zijn sociale media geen luxe, maar vaak een levenslijn — plekken waar verhalen worden gedeeld, netwerken ontstaan en erkenning wordt gevonden. Wanneer die zichtbaarheid zonder uitleg verdwijnt, wordt pijnlijk duidelijk dat deze infrastructuur niet van ons is. Daarmee verschuift de vraag opnieuw: niet alleen wie zichtbaar wil zijn, maar wie bepaalt wat zichtbaar mag blijven.

Tegelijkertijd zien we op andere plekken een ogenschijnlijk tegenovergestelde beweging ontstaan. Waar sommigen oproepen tot boycot of terugtrekking, klinkt elders juist de oproep om nieuwe netwerken op te bouwen, los van bestaande machtsstructuren. Die beweging is minder een reflex van onvrede en meer een poging om opnieuw eigenaarschap te organiseren. Dat vraagt om een ander gesprek. Niet over het verlaten van platforms uit frustratie, maar over de vraag hoe en waar zichtbaarheid duurzaam kan worden opgebouwd — zonder afhankelijk te zijn van systemen die haar even gemakkelijk kunnen beperken.

Zichtbaarheid vraagt niet alleen om aanwezigheid, maar ook om eigenaarschap.

Wat daarbij schuurt, is dat deze discussie steeds vaker wordt weggezet als politiek. Alsof het benoemen van uitsluiting of het ter discussie stellen van bestaande normen automatisch een ideologisch standpunt is. In werkelijkheid gaat het hier niet om partijpolitiek, maar om de vraag wie zich veilig kan voelen in het dagelijks leven. Toch zien we dat juist die vraag steeds vaker onderdeel wordt van een breder politiek en maatschappelijk krachtenveld, waarin religieuze overtuigingen en andere ideologische perspectieven een rol spelen. Dat maakt het gesprek complexer, maar ook urgenter. Want zodra sociale veiligheid onderwerp wordt van politieke afwegingen, ontstaat het risico dat fundamentele rechten worden gerelativeerd. Niet omdat ze minder belangrijk zijn geworden, maar omdat ze worden meegewogen in een debat waarin ze eigenlijk geen inzet zouden mogen zijn.

Wie sociale veiligheid politiseert, maakt van rechten een onderhandelingsvraag.

In mijn werk als Regenboogambassadeur zie ik dat duurzame verandering zelden begint met grote statements. Zij begint in gesprekken. In samenwerking. In het gezamenlijk formuleren van normen die voor iedereen gelden. Zichtbaarheid speelt daarin een rol, maar is nooit het eindpunt. Het is een begin. Een opening naar wat daarachter moet volgen: een cultuur waarin mensen zich daadwerkelijk veilig voelen.

Misschien moeten we daarom het gesprek anders voeren.

Niet: wat kost het een bedrijf om een vlag te laten hangen?

Maar: wat betekent het voor mensen als die vlag verdwijnt?

Dat is geen vraag over marketing.

Dat is een vraag over verantwoordelijkheid.

  • Boek door Henk Nijmeijer: Kleuren van gelijkheid. Een pleidooi voor lhbti+ acceptatie, vrijheid en inclusie

Prijs: € 20 ,99

Het boek is via elke (online) boekhandel te bestellen. Of via deze link: https://koopmijnboek.shop/978946528609