
Stichting Gaykrant start vanaf heden grootschalig kwalitatief onderzoek naar de aard en herkomst van online haatberichten tegen de regenbooggemeenschap. Aanleiding is de sterke toename van meldingen van lezers en gebruikers die op sociale media worden geconfronteerd met discriminerende, intimiderende en soms ronduit opruiende reacties.
Het onderzoek richt zich niet alleen op de inhoud van de haatberichten, maar vooral op de mechanismen erachter. Wie verspreiden deze berichten? Gaat het om anonieme accounts, georganiseerde netwerken, trollen of mensen die openlijk onder hun eigen naam opereren? En hoe reageren grote technologiebedrijven zoals Meta wanneer gebruikers deze berichten melden? Wat wordt toegelaten, waarom en wat/ wordt verboden en uit de lucht gehaald?
Gaykrant-hoofdredacteur Bamber Delver: ‘De beerput moet open!’
“Achter iedere haatreactie zit een afzender, een patroon en een platform dat een verantwoordelijkheid draagt. We willen feiten verzamelen, analyseren en tot actie over kunnen gaan. Pas als we weten waar de haat vandaan komt en hoe Big Tech daarop reageert, kunnen we het gesprek voeren over daadkrachtige oplossingen."
Bamber Delver, hoofdredacteur

Drie centrale onderzoeksvragen
Het onderzoek brengt drie onderwerpen in kaart:
1. Wat gebeurt er online?
Welke vormen van online haat worden verspreid? Welke beschuldigingen en narratieven keren steeds terug? De eerste signalen laten zien dat LHBTI+-personen en organisaties steeds vaker worden weggezet als "kindermisbruikers", "indoctrineerders" of een bedreiging voor de samenleving, gezinnen en zelfs de Westerse beschaving en de wereldorde Ook worden met behulp van AI gemanipuleerde afbeeldingen en desinformatie gebruikt om deze beschuldigingen kracht bij te zetten. Het blijkt dat AI als haattool door elke burger ingezet kan worden. Zie illustratie boven als voorbeeld.
2. Wie verspreiden deze berichten?
Gaykrant onderzoekt of de afzenders voornamelijk anonieme accounts zijn, georganiseerde trollennetwerken, buitenlandse beïnvloedingscampagnes of juist herkenbare personen die bewust onder hun eigen identiteit haat verspreiden. Daarbij wordt gekeken naar patronen, netwerken en de mogelijke organisatie achter de verspreiding.
3. Hoe reageren Big Tech-platforms?
Lezers worden gevraagd hun ervaringen te delen met het melden van discriminerende of haatdragende berichten. Worden meldingen serieus genomen? Worden berichten verwijderd? Worden accounts aangepakt? Of blijven meldingen zonder gevolgen? Daarmee wil Gaykrant inzicht krijgen in de manier waarop platforms omgaan met online discriminatie tegen LHBTI+-personen.
Aanleiding
De directe aanleiding voor het onderzoek is de groeiende stroom meldingen die Gaykrant ontvangt van lezers en vrijwilligers. Daarnaast lijkt het online klimaat verder te zijn verhard na recente gebeurtenissen, waaronder de aanslag tijdens de Pride in Berlijn. Sindsdien verschijnen op sociale media regelmatig oproepen waarin wordt gesteld dat LHBTI+-personen "weer de kast in moeten". (zie voorbeeld). Tegelijkertijd neemt de verspreiding van desinformatie en AI-gegenereerde beelden en video's zichtbaar toe.
Oproep aan de gemeenschap
Gaykrant roept lezers, organisaties en andere betrokkenen op om voorbeelden van online haat, screenshots van meldingen en reacties van sociale mediaplatforms te delen. Juist de ervaringen van gebruikers zijn essentieel om een goed beeld te krijgen van de omvang, de oorsprong en de ontwikkeling van online discriminatie.
Stuur screenshots en online correspondentie aan: stichting@gaykrant.nl o.v.v. Onderzoek online haat.
Het onderzoek heeft nadrukkelijk niet als doel individuele personen publiekelijk aan de schandpaal te nagelen. De focus ligt op het blootleggen van patronen, het analyseren van de herkomst van online haat en het beoordelen van de maatschappelijke verantwoordelijkheid van grote technologiebedrijven.