astridroemer1

Tekst: IHLIA[1] Foto: Poetry International

Paramaribo. Auteur Astrid Heligonda Roemer werd op 27 april 1947 geboren in Paramaribo, Suriname. In 1966 vertrok ze naar Nederland, maar al snel besloot ze terug te keren naar haar geboorteland om daar te werken als onderwijzeres. Haar leven lang zal ze blijven pendelen tussen de twee landen. Ook als schrijfster blijft Roemer verbonden met zowel Suriname als Nederland. In beide landen is ze succesvol en wordt ze geprezen om haar lef en eigenzinnigheid. Zij overleed onlangs op 8 januari 2026 in de stad Paramaribo waar zij was geboren.

Gedragen door literatuur

Roemer heeft een diepe liefde voor taal: ‘Het is alsof ik een relatie ben aangegaan met het woord, die bijna intenser is dan een liefdesrelatie.’ In 1970 debuteerde ze met de dichtbundel Sasa; mijn actuele zijn, maar in Nederland brak ze pas werkelijk door met Over de gekte van een vrouw (1982). In deze experimentele roman weet Roemer de complexiteit van vrouw-zijn en seksualiteit bloot te leggen. De veelzijdigheid van seksuele geaardheid en het fenomeen vrouw zijn belangrijke thema’s in Roemers werk.

Verder zijn de littekens van het koloniale verleden van Suriname en Nederland een terugkerend onderwerp. Neem mij terug, Suriname (1974), een roman over de ontheemding van een Surinamer in Nederland, werd in Suriname ongekend populair. In Nederland ontving Roemer meer lof voor de drie ‘dekolonisatieromans’ die in 2016 werden gebundeld als Onmogelijk moederland. Over de trilogie zegt Roemer: ‘In de vuilnishopen van de slavernij, het kolonialisme en de moderne tijd heb ik gezocht naar niet-afbreekbare resten om mijn identiteit als Surinaams-Nederlandse vrouw opnieuw te beleven.’

Haar poëzie, romans en theaterstukken ervaart Roemer als stollingen van momenten die ze heeft beleefd; literatuur van anderen ziet ze als geesteskinderen van mensen: ‘Voor mij zijn boeken heilig (…) Ik voel mij gedragen door de mooiste literatuur die we kennen.’ Haar brede interesse voor literatuur en haar liefde voor het schrijfvak resulteren in een unieke stijl van beelden, symboliek en verschillende stijlvormen en verhaalstructuren.

astridroemer2

Foto door Raúl Neijhorst 2016

Strijd voor gelijkwaardigheid

Roemer zet zich al decennia in voor de strijd voor gelijkwaardigheid. Ze benadrukt hierbij dat gelijkwaardigheid een subjectief begrip is, immers: gelijk waaraan? Maar ze realiseert zich dat het dagelijks leven van velen wordt belemmerd door vooroordelen van anderen over hun afkomst, hun verpauperde stadswijk, over hun vrouw-zijn, hun homoseksualiteit of hun mindervaliditeit.

Voor Roemers werk is de tweede feministische golf van groot belang geweest. Hoewel ze zichzelf onderdeel achtte van de radicale antibeweging, kon ze zich niet vinden in het gepolariseerde denken over mannen: ‘Alles was zwart-wit: als je een man had of mannen aardig vond, werd je eruit gekikkerd.’ Roemers feministische gedachtegoed heeft zich verankerd in haar literair werk. Ze geeft veel vrouwen een stem: ‘Misschien wil ik wel door mijn boeken aan mannen laten voelen – en ik ga even generaliseren – hoe wij vrouwen ervaren dat zij met ons omgaan. Als een mannelijke auteur een vrouw neerzet, dan is het altijd een ander soort vrouw dan ik normaal gesproken zie.’

Roemer zette haar activisme voort middels haar lijstduwerschap bij GroenLinks in 1989 en haar zetel in de Haagse gemeenteraad voor deze partij. Na korte tijd ontstond er echter conflict en verliet Roemer de gemeenteraad. Extra pijnlijk was dat racisme en culturele verschillen naar alle waarschijnlijkheid een rol hebben gespeeld bij de breuk.

De antiracistische strijd van Roemer begon met haar actieve deelname aan de Black Pantherbeweging in de jaren zeventig. Door haar debuutbundel Sasa onder het Swahili-pseudoniem Zamani uit te brengen, legde ze destijds de nadruk op haar Afrikaanse roots. Later zette ze zich in voor de afschaffing van Zwarte Piet, waarbij haar ervaringen als onderwijzeres een voorname drijfveer waren: ‘de zwarte kinderen waren doodsbang als 5 december begon te komen. (…) Dat was het moment dat ik zag en voelde dat het niet goed is om kinderen dit karikaturale beeld van zwarte mensen mee te geven. (…). Ik ben op staande voet ontslagen omdat ik het feest niet wilde vieren.’

[1] https://withpride.ihlia.nl/story/astrid-h-roemer/#