weerstand1

Door: Bamber Delver, hoofdredacteur Gaykrant. Foto: Ronald Bakker

Redactioneel: "Ons kind is verminkt." Met die woorden haalde het interview door Wierd Duk met ouders onlangs prominent de voorpagina van de Telegraaf en zijn drukbezette X-account. Het is een aangrijpende uitspraak, die getuigt van verdriet, boosheid en een diep gevoel van verlies. Ouders hebben het recht om hun ervaringen en gevoelens te delen, ook wanneer zij spijt hebben van een medische behandeling die hun kind heeft ondergaan.

Maar er ontstaat een probleem wanneer individuele tragedies worden uitvergroot tot bewijs voor een bredere maatschappelijke angst. Weird Duk is daar meester in geworden. Zeker wanneer media kiezen voor koppen die niet alleen emoties oproepen, maar ook een complete groep mensen in een verdacht daglicht plaatsen (zie screenshot onder).

weerstand2

Het mechanisme van verdachtmakingen

In de Verenigde Staten is recent zichtbaar geworden hoe dit mechanisme werkt. Een enkel misdrijf waarbij een verdachte mogelijk transgender is, krijgt soms dagenlange aandacht. Politici en opiniemakers presenteren zo'n uitzonderlijk incident vervolgens als illustratie van een vermeend gevaar van genderdiversiteit of medische transitie. Dat gebeurt zelden wanneer daders behoren tot andere groepen. Niemand concludeert immers uit een gezinsdrama gepleegd door een heteroseksuele man dat heteroseksualiteit gevaarlijk is of dat traditionele gezinsvorming tot geweld leidt. Of dat bijvoorbeeld femicide (gepleegd door mannelijke -ex- partners van vrouwen) een verdacht licht werpt op die grote groep: heteromannen. Of dat iemand als Weird Duk, heteroman, verantwoordelijk mag worden gesteld voor mede-mannen die gewelddadig en agressief is, moordt, verkracht en aanrandt.

Woorden doen ertoe

Woorden doen ertoe. Het gebruik van termen als "verminking" suggereert opzettelijke schade en roept associaties op met misbruik en geweld. Daarmee verschuift het debat van een gesprek over zorgvuldigheid, diagnostiek en nazorg naar een strijd waarin transpersonen en jongeren met een transitiewens impliciet worden neergezet als slachtoffers van een ideologie of zelfs als een maatschappelijk risico.

weerstand3

Online haat en geweld

Dat is gevaarlijk. Niet omdat er geen ruimte mag zijn voor kritiek op medische trajecten of voor verhalen van mensen die spijt hebben van hun transitie. Of ouders die verdrietig of zelfs boos zijn omdat hun kind afstand neemt, of (tegen hun verwachtingen in) van een dochter in een zoon verandert. Die ruimte moet er juist zijn. Maar een open debat vraagt om nuance en proportie. Een persoonlijk drama mag geen brandstof worden voor een bredere verdachtmaking van een minderheidsgroep die nu al disproportioneel vaak te maken krijgt met discriminatie, online haat en geweld. Hoe dit werkt is b.v. te zien in een bizarre enquête die het Facebook-clickbait account Bizar & Briljant (zie screenshot) en SocialNieuws.nl heeft gemaakt van een ander Duk’s artikel (waar hij de verschrikkelijke moord door een kind op ouders aangrijpt om dit te verklaren vanwege de kennelijke transitie van het kind), en waar velen instemmend ja-knikken en alsmaar bozer worden tot aan schelpartijen jegens transpersonen: de brandstof was Duk: “

Journalistiek heeft de taak om misstanden aan het licht te brengen. Maar zij heeft ook een verantwoordelijkheid om niet mee te werken aan morele paniek. Wanneer uitzonderingen worden gepresenteerd als symptomen van een hele gemeenschap, verandert verslaggeving in framing. En framing kan, net als benzine in een motor, een maatschappelijke brand aanwakkeren die veel verder reikt dan het oorspronkelijke verhaal.

Verdriet verdient erkenning. Maar angst mag geen redactierichtlijn worden. Helaas verandert de Telegraaf steeds meer in een angst-medium, nu ook gericht de regenbooggemeenschap. Angst is klaarblijkelijk een gewild verdienmodel.