rosalie1

Door: Rosalie Kool

Rosalie Kool (51) woont met haar vrouw in Diemen, in een fijn, licht appartement met uitzicht op groen. Ze studeerde eerst jazzpiano aan het conservatorium, daarna Hogere Informatica en volgde later een opleiding tot gewichtsconsulent. IT is al 25 jaar de rode draad in haar loopbaan. Ze werkt al meer dan vijftien jaar als zelfstandig consultant, onder meer bij Minddistrict.

Lange tijd voelde ze zich een kameleon, gewend om zich aan haar omgeving aan te passen. Sinds ze zichtbaar als trans vrouw leeft, merkt ze hoe anders mensen op haar reageren. Vanuit die ervaringen begon ze but no. Ze ontwerpt kunstzinnige rebussen die een luchtige opening bieden voor een gesprek over gevoelige onderwerpen.  Ze weet uit eigen ervaring hoeveel moeite het kost om jezelf te durven zijn en je plek in de maatschappij te vinden. Daarom zet ze zich in als vrijwilliger bij Transgender Netwerk en begeleidt ze de Vrouwengroep van Transvisie. Voor de Gaykrant schrijft ze over haar ervaringen. 

Je mag tegenwoordig ook niks meer zeggen

“Tot mijn 49e zagen mensen mij als man. Sinds ik zichtbaar als trans vrouw door het leven ga, begrijp ik veel beter wat anderen vertellen over onveiligheid, ongelijkheid en niet serieus genomen worden. Ik ben dezelfde persoon, maar mensen behandelen me anders. Daardoor ben ik ook anders gaan kijken naar hoe ik vroeger zelf op anderen reageerde.

Vanuit die ervaringen ben ik mijn merk but no. begonnen. Ik maak kunstzinnige rebussen die een luchtige opening bieden voor gesprekken over onderwerpen die tegenwoordig gevoelig liggen. Ze staan op T-shirts en mokken. Een poppetje naast een vierkant bijvoorbeeld, dat zegt: ik laat me niet in een hokje stoppen.

Ik groeide op tussen witte, hetero, hoger opgeleide, carrière gedreven mannen. Met hard werken kon je alles bereiken en ik werd gestimuleerd om het onderste uit de kan te halen. Dat is wel eens anders geweest. Toen ik rond mijn twaalfde werd gepest, ontdekte ik in de loop van de jaren eerst welk gedrag het pesten verminderde. Vervolgens ontdekte ik wat me aanzien opleverde. Ik werd uiteindelijk een kameleon.

Maar rond mijn 46ste wist ik niet meer welke keuzes van mij waren. Dronk ik bier omdat ik het lekker vond, of omdat mannen bier horen te drinken? Die vraag zat in elk aspect van mijn leven. Langzaam ben ik gaan delen wat ik eigenlijk mijn hele leven al wist: dat ik een vrouw was. Drie jaar later ging ik in transitie. Ik wist vooraf dat ik een paar treden zou gaan afdalen op de maatschappelijke ladder. Dat begreep ik rationeel, maar nu voel ik wat het betekent.

Mijn vrouw vertelde vroeger dat ze het niet prettig vond om in het donker langs de sportvelden in Amsterdam-Oost te fietsen. Ik zei dat ik daar ’s avonds laat nooit iemand zag en dat ze daar volgens mij prima kon fietsen. Nu durf ik zelf na tien uur ’s avonds in het donker eigenlijk niet meer met het ov. Als ik over straat loop of boodschappen doe, merk ik hoe vervelend het is wanneer mannen me aanstaren en nakijken. Ik pas mijn blik en gedrag aan. Tegen dit soort dingen loop ik nu pas twee jaar aan en ik ben het nu al zat.

Door die ervaringen ben ik gaan lezen over feminisme en discriminatie. Inmiddels begrijp ik beter wat mensen uit minderheden en gemarginaliseerde groepen altijd al vertelden. Het bizarre is dat ik merk dat ik zeggingskracht heb verloren als ik dit bespreek met mensen uit de omgeving waarin ik zo lang meedraaide. Het zou aan mijn focus liggen, of ik word weggezet als activist. Ik ben toch echt dezelfde persoon, maar doordat mensen mij eerst als man zagen en nu als trans vrouw, heb ik een uniek perspectief. Toch word ik niet serieus genomen.

In gesprek blijven vind ik wel belangrijk. Ik heb zelf ervaren hoeveel je niet ziet wanneer je ergens geen last van hebt. ‘Je mag tegenwoordig ook niks meer zeggen.’ Echt wel! Volgens mij zijn mensen alleen onzeker over wat ze wanneer, hoe en tegen wie kunnen zeggen zonder tegengas te krijgen. Maar dat tegengas hoort ook bij een gesprek. Je mag best iets onhandigs zeggen. Daar hoort ook verantwoordelijkheid voor je woorden bij: vragen stellen, luisteren naar wat het met iemand doet en er zo nodig op terugkomen.

De naam but no. verwijst naar de grens die je mag trekken. Je hoeft wat een ander zegt niet zomaar te laten voor wat het is. Ik snap de gedachte: moet het dan weer vanuit mij komen? De ander mag toch ook wel eens verantwoordelijkheid nemen. Je hoeft ook niet steeds het gesprek aan te gaan. De kunstzinnige rebus kan een luchtige opening zijn voor een gesprek dat anders ongemakkelijk begint. Jij bepaalt vervolgens of je het een geschikt moment vindt.

Als je zo’n gesprek wilt aangaan, helpt de gespreksgids op butno.nl daarbij. Leg kort uit wat de rebus betekent en leg de bal terug: ‘Herken je het?’ Vraag door, wees oprecht geïnteresseerd en vraag daarna of je ook jouw perspectief mag delen. Zo geef je elkaar de ruimte om iets te begrijpen wat je eerder misschien niet zag. Ik denk oprecht dat we zo de kramp kunnen doorbreken waar we als maatschappij in zitten. Niet ‘ben je voor of ben je tegen’, niet ‘wij-zij’, maar ouderwets weer met elkaar in gesprek gaan.”

rosalie2

Introductie Rosa Kool: Lange tijd voelde ze zich als een kameleon

Rosalie Kool (51) woont met haar vrouw in Diemen. Ze studeerde eerst aan het conservatorium, daarna Hogere Informatica en volgde later een opleiding tot gewichtsconsulent. IT is 25 jaar haar rode draad, waarvan ruim vijftien als zelfstandig consultant, onder meer bij Minddistrict. Haar ervaringen als trans vrouw leidden tot but no.: kunstzinnige rebussen die een luchtige opening bieden voor gevoelige onderwerpen. Ze weet hoeveel moeite jezelf durven zijn kost. Daarom is ze vrijwilliger bij Transgender Netwerk en begeleidt ze de Vrouwengroep van Transvisie. Voor de Gaykrant schrijft ze over haar ervaringen.

Zie www.butno.nl (foto)